Nieuwsbrieven

Melania’s nieuwsbrief  heet: MelaniaPost

Recente nieuwsbrieven staan hier online:

 

Melania Post extra

Hieronder vindt u complete interviews die voor de mail te uitgebreid waren.

Bij de Post van februari 2021

Het uitgebreide interview met Truus Appelman

“Voor mij gaan de ontwikkeling van Melania en de emancipatie van vrouwen in Nederland in de jaren zeventig hand in hand’. Aan het woord is Truus Appelman. Ze is jarenlang als vrijwilliger actief geweest voor Melania.

   

Ze vertelt hoe haar belangstelling voor Melania is gekomen. “In de jaren zeventig werden er vanuit de vrouwenbewegingen veel cursussen georganiseerd die gericht waren op de emancipatie van de vrouw. Ik werd lid van het KVG in mijn huidige woonplaats Bennekom  zodra ik daar met mijn man en kinderen vanuit Noord-Holland was komen wonen. Een van de cursussen was: ‘Vrouwen leren over ontwikkelingssamenwerking’, die destijds bij Kontact der Kontinenten in Soesterberg werd gegeven. Daar ontmoette ik allemaal vrouwen die vanuit vrouwenbewegingen bezig waren met Melania-projecten. Ik hoorde hun verhalen en over hun veelal persoonlijke contacten met de vrouwengroepen. Ik vond dat heel inspirerend. Vooral ook omdat ik erachter kwam dat onze vraag naar meer vrouwenrechten, gelijkwaardigheid in je relatie en je eigen interesses nastreven hier in Nederland niet veel anders was dan wat vrouwen daar meemaakten”.

De belangstelling voor het werk in ontwikkelingssamenwerking blijkt bij Truus al in de genen te zitten.  Ze had drie neven die in Afrika werkten en die  op hun verlof bij haar ouders op bezoek kwamen. Zo hoorde ze als kind al over hun leven en werk in de tropen. In de tijd van haar neven was het helpen van arme mensen nog de drijfveer. Maar voor de generatie van Truus was dat niet voldoende en ging het om solidariteit en de zelfstandigheid van vrouwen. “Het ging in de projecten ook toen al om een cursus en het starten van een activiteit waardoor vrouwen zelfstandig werden. Dat was precies hetzelfde als waar wij in het KVG Bennekom mee bezig waren”.

Truus heeft de plakboeken erbij gehaald waarin ze de foto’s en de correspondentie van KVG Bennekom met de projecten heeft bewaard. Projecten uit Latijns Amerika en Afrika, waarvoor ze de sponsoractiviteiten organiseerde en de communicatie verzorgde. Alles zorgvuldig ingeplakt en van begeleidende teksten voorzien. Ze vertelt er met enthousiasme over; de contacten hebben indruk gemaakt.

We komen op de vraag wat Melania de huidige generatie Nederlandse vrouwen kan bieden. Emancipatie is immers veel minder een issue geworden in een tijd waarin vrouwen werken en eigen activiteiten ontplooien? Truus geeft het advies aan Melania om zich in Nederland te richten op de samenwerking met ondernemende vrouwen. Vrouwen met een eigen zaak of die zelfstandig richting en leiding geven aan hun eigen leven en aan organisaties. Het hebben van een baan is inmiddels bereikt, maar de leiding nemen is nog in ontwikkeling. Wellicht is ondernemerschap daarom de nieuwe emancipatie die vrouwen wereldwijd bindt.

Ceciel Bruin-Mosch

Over de tante van Lise Poels

In de zomer van 2020 zijn mijn zus en ik op bezoek geweest bij onze oudtante, tante Joke van Neerven (96). Wij hadden in januari 2020 de Kilimanjaro beklommen, geïnspireerd door de reisverslagen van onze tante, die de berg in de jaren zestig had beklommen. We wilden haar nu onze foto’s laten zien, het nationale biertje (genaamd “Kilimanjaro”) als souvenir brengen en haar reisverslagen teruggeven. Carla van Thiel (84), een vriendin die onze oudtante al sinds 1957 kent, vertelde ons tijdens dit bezoek over Melania.

Beide vrouwen zijn op veel missies geweest via De Graalbeweging, Cordaid, Mirembe en Melania. Tijdens deze missies hebben zij uitzonderlijke ervaringen meegemaakt en getrotseerd. Ik heb een paar verhalen gekozen om hier te delen.

De Graalbeweging zond in 1947 de eerste vrouwen uit op missie naar Indonesië en Brazilië. Later gingen de missies ook naar andere landen, o.a. in Afrika. Via deze organisatie zijn Joke en Carla elkaar in 1957 tegengekomen.

Joke was in 1954 op missie vanuit De Graalbeweging. Ze reisde met de boot naar Congo en ging daar werken als vroedvrouw in een Belgisch ziekenhuis. Op de boot heeft ze pas Swahili geleerd, één van de talen die ze in Congo spreken.

Carla startte haar bijzondere loopbaan als verpleegkundige in 1960. Via collega’s van De Graalbeweging werd ze gevraagd om te ondersteunen bij een project van Melania. Mw. Mol, toenmalige voorzitster van Melania, wilde meisjes uit Tanzania opleiden tot verpleegster of social worker. In Tanzania was een middelbare school voor meisjes opgericht in het midden van het land, wat al zeer bijzonder was, omdat middelbare scholen destijds alleen voor jongens waren. Nadat de meisjes de middelbare school succesvol hadden afgerond, was het mogelijk om voor drie of vier jaar naar Nederland te komen en hier een vervolgopleiding te volgen.
In april 1960 startte zo’n 12 tot 14 jonge vrouwen aan de cursus waarna zij weer teruggingen naar Tanzania. Carla ontving deze jonge vrouwen in Ubbergen, Nijmegen en gaf les aan hen samen met drie andere collega’s. Behalve dat Carla de jonge vrouwen onderwees om verpleegkundige te worden, kregen zij ook een inburgeringscursus van zes maanden. Allereerst leerden de cursisten de Nederlandse taal.
Maar er waren ook andere leermomenten, voor ons hele basale dingen, die Carla en haar collega’s bij de jonge vrouwen tegenkwamen. Bijvoorbeeld dat ze niet hoefden op te staan zodra de zon opkomt, dat is in de zomermaanden erg vroeg, maar gewoon mochten blijven liggen tot de wekker ging. Dit project draaide Carla drie jaar lang.

In het jaar 1963 ging Carla voor het eerst op missie via De Graalbeweging. Zes maanden Uganda was haar eerste bestemming om daar op de polikliniek te werken. Bijna aansluitend vertrok ze voor drie jaar naar Tanzania om op het platteland, samen met Joke, in een gezondheidscentrum te werken. Hier liep een treinspoor door het dorpje waar misschien één keer per week op dinsdagnacht om 03.00 een trein stopte. Dit was de enige logistieke aanvoerlijn, maar ook hun afvoerlijn als patiënten achteruitgingen en opgenomen moesten worden in het ziekenhuis in de stad. Deze frequentie bracht natuurlijk de nodige onhandigheid mee, bijvoorbeeld als er specifieke vragen voor artsen waren of voor de aanvoer van medische middelen. Carla en Joke droegen daar zorg voor 32 bedden: tien mannen bedden, tien vrouw- en kinderbedden, tien bedden voor de kraamafdeling en twee bedden die in separate kamers lagen op verzoek van Islamitische patiënten.

In januari 1967 gingen beiden weer terug naar Nederland voor verlof. Daarna vertrok Carla weer naar Uganda naar de hoofdstad Kampala, om wederom in een polikliniek te werken. In 1971 werd door generaal Idi Amin (Butcher of Uganda) een staatgreep gepleegd tegen de toenmalige president Milton Obote. Het gevolg van deze staatsgreep op het werk van Carla was dat de magazijnen van apotheken snel opraakten. Door de staatsgreep verlieten veel Indiërs het land (gedwongen) en zij hadden juist de handel in handen. Met het vertrek van de Indiërs, viel een deel van de economie in een gat.

De laatste keer (2014) dat Carla in Uganda was, was samen met Leny Jansen (lid van Melania) en Hilly Steins (werkzaam in Uganda). Samen gingen zij in een huurauto verschillende projecten bezoeken die mede dankzij Melania van de grond zijn gekomen. ‘Dit waren twee prachtige weken, de mensen waren blij om ons te zien en dansten op straat om ons te verwelkomen,’ aldus Carla.  

Deze verhalen van autonomie, kracht en onafhankelijkheid hebben mij geïnspireerd me te verdiepen in Melania. Er zijn ontzettend veel ontwikkelingsorganisaties, wat goed is, maar voor mij steekt Melania er bovenuit. Melania staat voor mij voor eigenaarschap: vrouwen in Afrika, Azië en Latijns Amerika die zelf hun eigen economische status en zelfredzaamheid verbeteren met eigen ideeën over hoe ze dat gaan doen.

Lise Poels

Bij de Post van december 2020

Melania Post december 2020

Voor het eerst in de geschiedenis van Melania hebben we ook een project in Mongolië: een laarzenmakerij.